Veel ouders schenken vermogen aan hun kinderen door middel van een schenking onder schuldigerkenning. Het voordeel van zo’n schenking is dat die geen liquiditeiten vergt: de ouders kunnen vermogen overdragen zonder dat het hun geld kost. De schenking onder schuldigerkenning wordt daarom ook wel een ‘papieren schenking’genoemd. Bij zo’n schenking wordt vaak vastgelegd dat de kinderen de vordering op hun ouders pas kunnen opeisen nadat de langstlevende ouder is overleden. Die bepaling maakt de schenking onder schuldigerkenning tot een ‘schenking terzake des doods’, een schenking die pas uitgevoerd wordt ná het overlijden van de langstlevende ouder. Zo’n schenking moet bij notariële akte zijn gedaan wil die rechtsgeldig zijn. Is de schenking met een bepaling ‘des doods’ bij onderhandse akte gedaan, dan vervalt de schenking door het overlijden van de schenker, zo heeft de Hoge Raad onlangs beslist.